Wetten, regels & initiatieven

“Elektrisch vervoer is de hoeksteen van het Klimaatakkoord”

Als bestuurslid van de Vereniging Elektrische Rijders nam Maarten van Biezen deel aan de mobiliteitstafel die uiteindelijk mede tot het concept Klimaatakkoord heeft geleid. Over de versnelling van duurzaamheid en mobiliteit, de cowboy-politiek binnen het elektrisch vervoer en de route richting zero emissie.

De Vereniging Elektrische Rijders (VER) vertegenwoordigt, inderdaad, zij die met een elektrisch voertuig de weg op gaan. Maarten van Biezen is sinds drie jaar bestuurslid van de VER. “Wij behartigen het belang van de elektrische rijder. Die wil met een betaalbare auto met voldoende range makkelijk zijn weg kunnen vinden en met hetzelfde laadpasje overal zijn auto op kunnen laden, voor een transparante prijs.” Het aantal leden dat hij met zijn mede-VER’ers vertegenwoordigt, neemt exponentieel toe. “Inmiddels zitten we op ongeveer 5.000 leden. Niet alleen komen we binnen de politiek op voor de belangen van de elektrische rijders: ook bieden we hen bijvoorbeeld cursussen aan. Beginners, die op het punt staan hun eerste elektrische kilometers te maken. Maar ook gevorderden, die bijvoorbeeld met hun elektrische auto in het buitenland willen rijden.”


Ook de cowboypolitiek binnen het elektrisch vervoer vraagt om een belangenbehartiger. “Hoeveel je uiteindelijk betaalt per laadbeurt verschilt namelijk nog fors per locatie: de uitwas van een systeem dat nog ontzettend nieuw is. Als belangenbehartiger spelen wij een belangrijke rol in het volwassen worden van deze nieuwe markt.” Standaardisatie staat wat dat betreft hoog op de agenda.


Mobiliteitstafel
Namens de VER zat Maarten van Biezen aan de sectortafel Mobiliteit, maar vervulde hij ook een liaison-functie gedurende de intensieve overleggen. Als een bruggenbouwer verbond hij de mobiliteitstafel aan de ene kant met de specifieke elektrische vervoerstafel aan de andere kant. “We wilden van het Klimaatakkoord een breed gedragen plan maken. Er moest een pakket worden samengesteld dat recht zou doen aan de kabinetsambitie om ervoor te zorgen dat in 2030 alleen nog maar nieuwe zero emissie-auto’s worden verkocht. Daar waren fiscale maatregelen voor nodig, maar ook wat betreft de communicatie in de showrooms en online waren oplossingen noodzakelijk. “Daarnaast is er veel over de infrastructuur van de laadpalen gesproken: er moet tijdig een landelijke dekking komen om in 2030 bijna twee miljoen auto’s zonder uitstoot te laten rijden.”


Ambities en realiteit moeten elkaar niet uit het oog verliezen: voor Van Biezen en anderen die elektrisch rijden een warm hart toedragen, was het daarom extra fijn dat het kabinet al uitgesproken ambitieus was omtrent elektrisch vervoer. “In het Regeerakkoord stond al dat het kabinet wil dat in 2030 alle nieuwe auto’s op elektriciteit rijden: er was dus al een heel concreet doel.” De Europese regels zouden op hun beurt slechts dertig procent voertuigen zonder uitstoot opleveren. De resterende zeventig procent moet dus vanuit nationale wet- en regelgeving worden gerealiseerd. Van Biezen: “Dan moet je niet alleen de zakelijke markt bedienen, maar ook de particulier meenemen. En dan niet alleen diegene met een dikke portemonnee. Wil je ervoor zorgen dat iedereen in 2030 een uitstootvrije auto rondrijdt, dan moet het elektrisch vervoer toegankelijker worden.”


Kosten behapbaar
De vraag of de ambitie richting 2030 wel realistisch is, beantwoordt Van Biezen instemmend. “Eigenlijk zijn de kosten erg behapbaar. Dat klinkt natuurlijk raar wanneer je het hebt over een plan van maar liefst dertien miljard euro in totaal tussen 2020 en 2030. Maar de aanschafsubsidie voor elektrische auto’s en de bijtellingsvoordelen kosten minder dan twintig procent van die dertien miljard euro!” Het grote verschil zit in de Nederlandse staatkas, die inkomsten misloopt. “Maar liefst zestig procent van de dertien miljard bestaat uit compensaties voor het Rijk. Ga maar na: richting 2030 gaan we veel minder benzine tanken en vervuilende auto’s kopen, dus loopt de overheid heel veel accijnzen op brandstof en bpm mis.” Van Biezen geeft aan dat dáár het grote probleem zit met betrekking tot het Klimaatakkoord. “Hoe hou je die schatkist gevuld?”


Het kabinet wilde een groot deel van de misgelopen inkomsten weer ophalen bij de automobilist. In dat geval zou het voornamelijk een kwestie zijn van zoeken naar een optimum: slim schuiven tussen verschillende posten. Tussen het stimuleren van elektrisch rijden enerzijds en het zwaarder te belasten van fossiele brandstoffen en de aankoop en het bezit van brandstofauto’s anderzijds. Van Biezen: “Maar toen kwamen de doorrekeningen.


Doorrekenen en leasen
De berekeningen van het Planbureau voor de Leefomgeving en het Centraal Planbureau toonden aan dat het stimuleren van EV maar liefst vijftig procent van de uitstootreductie van de mobiliteitssector op zou leveren. “Elektrisch rijden heeft dus een hele grote impact op het behalen van de doelstellingen uit het Klimaatakkoord! Daarnaast vond het kabinet de kostenstijging voor de autobezitter te hoog.” De rekening voor misgelopen inkomsten, die eerst voor een groot deel bij de fossiele autobezitter werd neergelegd, is daarom volledig geschrapt. “Toen ontstond er dus helemáál een interessant model, want plots hoeft de mobiliteitssector die dertien miljard euro niet meer volledig af te dekken.” Dit gebeurt nu vanuit andere sectore
n.


Elektrisch rijden is ontzettend belangrijk binnen het Klimaatakkoord: dat moet ook zo blijven, als je het Van Biezen vraagt. “Elektrisch vervoer fungeert als de hoeksteen van het Klimaatakkoord. Vanaf 2020-2025 moeten we toch echt wel op dat groeipad richting volledig duurzaam vervoer zitten. Hoe dit precies uitpakt weet je natuurlijk nooit helemaal zeker, maar je moet wel aantoonbaar de juiste route zijn ingeslagen, zowel op de zakelijke als de particuliere markt.” Dat laatste zou het kabinet kunnen doen door te benadrukken en te stimuleren dat het prijsverschil tussen een benzineauto en een elektrische vierwieler – inclusief de kosten voor onderhoud en energiegebruik - steeds kleiner wordt. “In het Klimaatakkoord is afgesproken dat men in de showroom altijd de kosten per maand richting de klant communiceert, ook voor elektrische auto’s. Dit moet de particulier over de streep gaan trekken om een elektrische auto aan te schaffen.”

Maarten van Biezen, bestuurslid VER

Deel dit artikel